De Kalimba-school staat in een open veld in Petauke, een district in het oosten van Zambia. Twee ronde hutjes met een rieten dakje in de brandende zon, meer was het schooltje lange tijd niet. Geen schoolbord, geen tafels of stoelen; de kinderen, van 8 tot 12 jaar, zaten gewoon op de grond of op een blok hout. En als ze naar de wc moesten, hadden ze een probleem: die was er namelijk ook niet. Dus gingen de kinderen het bos in, je moet toch iets? En vanaf het schooltje is dat nog een heel eind lopen. Op zoek naar een beetje privacy misten de kinderen daardoor een groot deel van de lessen. En erg hygiënisch was het ook al niet, want ze konden nergens hun handen wassen. Daardoor kregen veel kinderen ziekten als diarree, en uiteindelijk gingen ze maar helemaal niet meer naar school.

Graag naar school
Wie nu naar de Kalimba-school kijkt, kan zich die situatie bijna niet meer voorstellen. Op dezelfde plek waar de twee ronde hutjes stonden, staat nu een stevig gemetseld gebouwtje met drie klaslokalen. Er staan tafeltjes en stoelen, er zijn schriften en andere schoolspullen en de kinderen van groep 5 hoeven nu niet meer in dezelfde klas als groep 1 te zitten. De kinderen komen dan ook weer graag naar school. Omdat het er leuk, leerzaam en schoon is, en omdat ze er nu wel naar de wc kunnen. Want dankzij Unicef staan er op het schoolterrein zes splinternieuwe toiletgebouwtjes met gescheiden latrines voor jongens, meisjes en leraren.

Buiten zijn mobiele watertanks neergezet waar de kinderen hun handen kunnen wassen. Ze staan pal voor de toiletgebouwtjes, zodat de kinderen ze niet over het hoofd zien. ‘Ik kan het nog steeds niet geloven,’ zegt de schooldirecteur enthousiast. ‘Het lijkt wel een droom. De kinderen zijn gezond en blij, en steeds meer kinderen komen weer naar school terug. Ook meisjes voor wie de situatie het moeilijkst was. Er komen zelfs nieuwe leraren omdat de omstandigheden hier ook voor hen beter zijn. En omdat het zo goed gaat, profiteren ook de ouders, familie en uiteindelijk de hele gemeenschap van dit succes.’

De eerste waterput
De hulp van Unicef is inderdaad een groot succes: het aantal kinderen met diarree is aanzienlijk gedaald en het aantal schoolgaande kinderen is gestegen. Behalve de latrines en de watertanks is onlangs ook de eerste waterput geslagen op het terrein van de Kalimba-school. Daarmee is er schoon en veilig drinkwater, en hoeven de kinderen niet meer te sjouwen met flessen modderig rivierwater. ‘Het dichtstbijzijnde riviertje ligt vier kilometer verderop,’ vertelt de schooldirecteur. ‘Het rivierwater is vervuild, omdat dieren er ook uit drinken en zich erin wassen.’

Het succes van het Unicef-project heeft een domino-effect, want ook de bewoners van de omliggende dorpen profiteren van de watervoorzieningen. Zo heeft de Kalimba-school een belangrijke functie gekregen binnen de gemeenschap. En dat vervult de directeur met trots: ‘De moeders komen hier iedere dag om de beurt koken voor de kinderen, ze maken een speciale pap met veel vitaminen en proteïnen. Zo zorgen we er samen voor dat onze kinderen sterk en gezond worden. Dankzij Unicef hebben we allemaal weer nieuwe energie gekregen.’